Menu

‘Ik heb het zelf gezien’

0 Comments

2e zondag door het jaar – 19 januari 2020

‘Ik heb het zelf gezien’
De Kersttijd is voorbij, de Zoon van God, de Messias, is geopenbaard aan de wereld. En toch zal deze Messias steeds opnieuw geopenbaard moeten worden. Wie is Hij? Johannes de Doper zegt: Hij is het Lam van God. Maar hoe herkennen wij Hem. We moeten Hem nog helemaal leren kennen, Hij die zich wil laten kennen als Degene die zijn volk verlost. Daarvoor is Hij dienaar geworden, Licht voor de volkeren. Kunnen wij zijn Geest ontvangen om te doen zoals Hij ons voordoet?

Exegetische notitie evangelie Johannes 1,29-34
Tijdens de maaltijd op Seideravond – het begin van het Pesachfeest van de joden – staat er tot op de dag van vandaag, in de joodse huiskamer een stoel klaar voor de profeet Elia, en wacht hem op tafel een beker gevuld met wijn. Immers, als de Messias komt, wordt hij voorafgegaan door de profeet Elia. Als de profeet komt, moet hij weten dat hij welkom is. Vandaar de vraag aan Johannes: Ben u Elia?
Voordat Jezus aan zijn openbare leven begint, doopt Johannes in de Jordaan. Priesters en levieten willen er het hunne van weten. Wie ben jij? vragen ze. Ik ben de Messias niet, zegt Johannes en ik ben ook niet de profeet Elia (Joh.1,19-23). Met deze negatieve identiteitsverklaring neemt Johannes afstand van de legende die jaar na jaar over Elia wordt verteld. Hij neemt geen afstand van de messiaanse verwachting zoals blijkt uit het citaat van Jesaja waarmee hij zich identificeert. Hij ervaart zichzelf als een roepende, een wegbereider in de woestijn.
De dag daarop ziet Johannes Jezus naar zich toekomen. ‘Daar is het lam van God’, zegt Johannes, ‘degene die de zonden van de wereld wegneemt’. Zowel in de eerste scène als in de tweede valt op hoezeer de beelden verwijzen naar het joodse paasgebeuren. De legende over Elia, de profeet van Seideravond noemde ik al. Maar het lam, wiens bloed op de deurposten werd gesmeerd om de joodse eerstgeborenen in Egypte te sparen, is het grote symbool van de bevrijding. Jezus wordt door Johannes de doper geïdentificeerd met dit bij uitstek joodse bevrijdingssymbool. Ik wist ook niet wie het zou zijn, voegt Johannes eraan toe. Maar omdat hij moest worden geopenbaard, ben ik gezonden om te dopen in de Jordaan. Tijdens het dopen heb ik gezien dat de Geest als een duif op Hem neerdaalde. Dat was het teken, dat mij door degene die mij heeft gezonden, was aangezegd. Johannes ziet zijn optreden bij de Jordaan als de rode draad die zijn leven bepaalde. Hij moest gaan dopen opdat de Geest op Jezus zou kunnen neerdalen en zou blijven rusten. Dan kon hij verkondigen dat Jezus zou dopen in heilige Geest; dat hij de Zoon van God zou zijn. Het verhaal voegt de dopersbeweging van Johannes en het optreden van Jezus in één vloeiende beweging samen.

Themastelling
Je zou kunnen zeggen dat alle drie de lezingen maar een doel hebben: legitimeren. Vanuit het Oude Testament wordt in de eerste lezing Jezus aangewezen als de dienstknecht die het licht van de wereld zal worden. Overal zal men van Hem gaan horen en zien. In de tweede lezing – de brief van Paulus aan de inwoners van Korinte – gaat het om de legitimering van het optreden van Paulus. Met recht getuigt hij, als apostel en samen met synagogebestuurder Sostenes, dat Jezus Christus de weg naar God is. In Christus vinden gelovigen immers alle gaven van woord en kennis (1 Kor.1,5). In de derde lezing wordt Jezus door Johannes de doper naar voren geschoven als de bevrijder van Israël. Dienen, getuigen en bevrijden!

Suggesties
‘Herkent u Hem?’ is de vraag die vandaag aan ons gesteld wordt. Johannes de Doper wees Jezus aan. Zien wij Hem ook, in onze wereld, in de mensen om ons heen? Een mooi beeld hierbij is het ‘Jezusmozaïek’ van kunstenaar Cornejo-Sanches: een afbeelding van Christus, opgebouwd uit kleine fotootjes van mensen. Hoe en waar wordt Christus zichtbaar, waar herkennen wij Hem? Wij herkennen Hem als we om ons heen kijken naar mensen die uit liefde handelen, mensen die goed en hartelijk zijn. Op internet is een afbeelding te vinden, maar nog mooier is om kijkend naar elkaar het Christusbeeld te ontdekken.

De tweede lezing kan opgenomen worden in de zegenbede:

Paulus schrijft in zijn eerste brief aan de christenen van Korinte:
‘Genade en vrede voor u
vanwege God onze Vader
en de Heer Jezus Christus.’
Genade en vrede, geluk en zegen –
daarnaar verlangen wij,
daar bidden wij om:
Moge God ons zegenen,
Moge de Eeuwige als een licht voor ons uitgaan,
moge de Enige ons sterken met zijn kracht tot liefde,
Hij die is: Vader, Zoon en heilige Geest. Amen.

Gebeden voor deze zondag

Openingsgebed
Gij, Aanwezige,
overal zijt Gij ons nabij,
maar dikwijls wordt Gij verzwegen en niet herkend.
Wij bidden U,
open onze ogen en ons hart
dat wij U mogen herkennen in een medemens
die ons de ogen opent voor uw toekomst.
Dat vragen wij U door Jezus,
die met U en de heilige Geest
leeft in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Gebed over de gaven
Goede God,
gaven van brood en wijn hebben wij op tafel gezet.
Wij bidden U,
mogen deze gaven ons geloof
in uw nieuwe hemel en nieuwe aarde levendig te houden.
Wees onze toekomst,
dat vragen wij U,
door Christus, onze Heer. Amen.

Slotgebed
Goede God,
door profeten doet Gij ons weten
dat Gij met ons begaan bent
en dat Gij uw heil wilt doen gaan
tot de grenzen der aarde.
Wij bidden U,
mogen ook wij gestalte geven
aan uw oproep om uw toekomst van heil
gestalte te geven in ons bestaan.
Dat vragen wij U
in naam van Jezus, uw Zoon en onze Heer. Amen.