Menu

VERLANGEN naar betere tijden

0 Comments

3e zondag van de advent- 15 december 2019

VERLANGEN naar betere tijden
Wij leven toe naar Kerstmis. Wie verwachten we? Wat zal hij teweeg brengen? Op de derde zondag van de Advent wordt beschreven wat de Christus zal brengen als Hij eenmaal zijn zending volbrengt. Het bevrijdend werken van de Messias wordt beschreven nog voordat Hij geboren is, want dat vieren we op het komende Kerstfeest. Het is de paradox van de liturgie. Zo weten we waar we naar mogen verlangen. Het is geen blanco perspectief, maar een concrete boodschap die we nog wel helemaal zelf waar moeten maken.

Exegetische notitie evangelie Matteüs 11,1-11
In homilieën vindt men zijn vertrekpunt dikwijls in een Johannes die in zijn nauwe cel en afgesloten van daglicht met pijnlijke vragen kampt, omdat hij de Jezus die hem ter ore komt, niet kan rijmen met zijn eigen inzichten, een Johannes dus die zich aan Jezus zou ergeren (met verwijzing naar v.6). Anderen die hem die twijfel niet willen toeschrij­ven, zien in hem de pedagoog die zijn eigen leerlingen met die cruciale vraag op Jezus afstuurt opdat zij van hemzelf het antwoord zouden vernemen. Maar de historische Doper zou met zijn verwachting van Gods eindtijdelijk rechterlijk komen zo’n vraag niet hebben kunnen stellen aan een mens van vlees en bloed. De samenhang ligt meer op redactioneel dan op historisch vlak. Het is een vraag die de Doper met de zijnen – en met hen iedereen die het evangelie van Matteüs tot zover heeft meegelezen – móet stellen. Kortom, redactioneel – in het geheel van Matteüs’ opbouw – staat die vraag op de juiste plek.
Jezus verwijst in zijn antwoord naar wat te horen valt en te zien, resp. naar de verkondi­ging van de blijde boodschap aan de armen (Mt.5-7) en naar de tekenen (8-9). In dit alles, in woord en werk, meldt zich de Godsheerschappij voor wie wil horen en zien. In hoofstuk 10 laat dan Matteüs de uitzending volgen van de leerlingen die de verkondiging van dit Godsrijk verder in Israël moeten uitdragen, waardoor dit Israël voor de beslissende keuze komt te staan, of het Jezus die zo aan de Jesajaanse verwachting (zie eerste lezing en Jes.61,1; 29,18v; 42,18) voldoet, als Gods beslissende en definitieve heilsbode wil accepteren. Matteüs laat hier de leerlingen van de Doper die vraag stellen omdat hij zo het gezag wil uitspelen dat de Doper bij het volk blijkt te hebben. Hij laat Jezus dan ook direct hierna (11,7-11) de Doper alle lof toezwaaien. Kortom, de (verchris­telijkte) Doper treedt nog eens een keer (zie ook 3,11) met heel zijn gezag op ten gunste van Degene die na hem komt.
Een direct antwoord geeft Jezus niet, hij verwijst naar zijn profetisch-messiaans werken. Het is de tijd van de genade, het heil is hoorbaar, tastbaar voor wie in het spoor der profeten de tekenen weet te lezen.
De drievoudige retorische vraag waarmee Jezus zich dan tot de menigte keert en die, zo veronderstelt de spreker, met een vanzelfsprekend ‘nee’ beantwoord zal worden, lost zich op in v.9: ‘inderdaad om een profeet te zien.’ Hierop zal het volk nog ‘ja’ kunnen zeggen. Misschien verleidt Jezus dan het volk tot een `ja’ ook op wat volgt in v.9c: ‘inderdaad, zeg ik jullie meer dan een profeet’, de profeet nl. van Mal.3,1.23v., de teruggekeerde Elia die de dag van JHWH aankondigt, door de eerste christenen betrokken op de Doper als voorloper van Jezus. Wie de Doper met die ogen beziet, komt bij Jezus uit, bij ‘de Komende’.
Riet, rijk uitgedoste mensen, zij waren dus niet de trekpleisters. Riet is te vinden langs de Jordaan, rijke mensen woonden inderdaad in paleizen in nogal woeste gebieden, Herodes had paleizen o.a. in Jericho en op de hoogte Massada. Maar door de wind bewogen riet kan bedoeld zijn als tegenbeeld van een krachtige profeet die onbewogen en onkreukbaar zijn zending volbrengt. De verfijnde kleding zou als tegen­beeld kunnen fungeren van de kameelharen mantel van de profeet.
Is Johannes als de teruggekeerde Elia en voorloper van Jezus de grootste onder de mensen, de kleinste in het Godsrijk is groter dan hij. De oude eon of wereldtijd is achterhaald, een nieuwe tijd, die van de vervulling, is aangebroken met de komst van de uiteindelijke bode, de Messias in persoon. Wie op de tekenen ingaat die van hem uitgaan, komt uit bij hemzelf en deelt als leerling en volgeling in het nieuwe dat Jezus als een huisvader tevoorschijn haalt (Mt.13,51)

Themastelling
Gods koningschap, Psalm 146 (tussenzang) bezingt het als een herderlijk en vorstelijk opkomen voor de zwakken: de onderdrukten, de hongerigen, de gevangenen, de blinden, de verslagenen, de armen die in deze situatie van uitbuiting de rechtvaardigen mogen heten, de vreemdelingen, de weduwe en de wees. Gerechtigheid juist voor hen, profeten voorzeggen haar, dichters bezingen haar, mensen zien naar uit, al wie – niet cynisch of sceptisch – nog een licht ziet voor de aardebewoners van vandaag. Advent is wezenlijk een christelijke attitude, is geloven in een God die barmhartigheid is en liefde, geloven dat mensen niet tevergeefs geboren zijn, dat het Rijk met Jezus is uitgezaaid in onze bodem, is – niet afwachtend – werken aan zijn komst, blij met de tekenen van gerechtig­heid die we rond ons mogen speuren.

Suggesties

  1. Extra liturgische bouwstenen

– Voor bezinning en gebeden in de Advent en kersttijd wijzen we u op onze uitgave Op weg naar Kerstmis 2019, te koop via www.berneboek.com of telefonisch te bestellen via 0413-291394. Voor deze zondag vindt u materiaal vanaf blz. 19.

Een gebed:

Heer,
vol verlangen zien wij uit naar uw komst.
En U bemoedigt ons:
U bent nabij.
Neem weg ons ongeduld en onze twijfels.
Doe ons moedig verder werken
aan een betere wereld
in het vertrouwen
dat uw genade met ons meewerkt.
Vervul ons met uw kracht en vreugde. Amen.

Symboliek
De advent heeft haar eigen symboliek met de kaarsen en de bloemschikking. Op deze zondag zou een icoon van Christus centraal gezet kunnen worden, voor de ambo, op een standaard of geprojecteerd met een beamer. Is Hij de Komende? Wie verwachten wij? In de opening of de overweging kan hiernaar verwezen worden. Of in een beeldmeditatie (bijvoorbeeld na de overweging) omlijst door muziek.
Bij het evangelie kan ook een ander soort beeld de inhoud van de viering versterken: wie zijn de blinden, lammen en melaatsen in onze tijd? Maak een collage. 

Voor kinderen
Johannes zat in de gevangenis. Laat de kinderen dit met elkaar op twee manieren in scène zetten:
– gevangen zitten en geen hoop meer hebben ( in elkaar gedoken, nietsziend, slap en moedeloos in een passieve houding);
– gevangen zitten en blijven hopen op beterschap (open ogen, open handen, reikhalzend, nadenkend, actieve houding).
Laat beide scènes in de viering zien en vraag om reacties, zowel aan de ‘spelers’ als aan de ‘kijkers’.

Gebeden voor deze zondag

Openingsgebed
Goede God,
U heeft ons mensen bestemd
om voluit te leven naar uw beeld,
maar er staan zoveel dingen in de weg.
Daarom vragen we U:
kom met uw Geest in ons leven,
laat ons uw nabijheid ervaren

die in uw voetstappen gaan.
Dit vragen wij U door Hem, Jezus Christus,
die met U en de heilige Geest leeft
in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Gebed over de gaven
Barmhartige God
U weet als geen ander hoe het is om te geven en te delen.
We vragen U naar ons om te zien
en naar de gaven die we met ons meebrengen.
Leer ons te delen en te geven naar uw voorbeeld.
Leer ons te leven in vrede.
Zo bidden wij U door Christus,
uw Zoon en onze Heer. Amen.

Slotgebed
Eeuwige God,
wij danken U voor uw Woord,
waarin U mensen bemoedigt en kracht geeft,
waarin duidelijk wordt
dat U ons leven en onze wereld anders droomt:
als een woestijn die tot bloei komt
en waarin een einde komt aan alle pijn.
Blijf bij ons, nu wij weer naar huis gaan
en blijf ons sterken om mens te worden in uw Licht,
door Christus onze Heer. Amen.